Met forensisch DNA-onderzoek wordt onderzocht wie celmateriaal aan een spoor kan hebben bijgedragen. Naast kennis over de donor van het spoor, kan het belangrijk zijn om te weten welk type celmateriaal in het spoor aanwezig is. Het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) gebruikt, naast standaardtesten voor bloed, speeksel en sperma, twee zelf ontwikkelde RNA-testen om onderzoek te doen naar het type celmateriaal dat in een spoor aanwezig is.